Twee-en-een-half

2,5 jaar ben je al. Het is zo cliché, maar wat vliegt de tijd. Ik herinner het me nog alsof het gisteren was. Dat je bij me lag als pasgeboren baby en nu loop je hier rond als een bijna-kleuter met een eigen willetje die de oren van onze kop praat.

Nog even en je mag naar school, maar daar ben je meer dan klaar voor. Vaak zeg je al ‘min naar school gaan’, want zo noem je jezelf, ‘min‘. De hele dag door ‘min doen’, ‘min kan dat’ ‘min grote meid’. Ja min, je bent echt een grote meid. We zijn zo fier op jou.

Op het potje

Toen we begonnen met de potjestraining (want zo noemen ze dat dan, potjestraining, alsof je intensief moet gaan oefenen met je kind in ruil voor een koekje), stond je weigerachtig tegenover dat potje. Je wilde niet. En als min iets niet wilt, dan gebeurt het ook niet. Dus we lieten het los, de potjestraining. Het potje bleef gewoon in de woonkamer staan. Af en toe lazen we een boekje over potjes of keken we het filmpje ‘Prinses Lily op het potje’, zonder verwachtingen, zonder druk. Toen dat filmpje op een dag gewoon stond te spelen, besloot je om zelf ook op het potje te gaan zitten én pipi te doen! Zo fier was je, én wij natuurlijk ook :-). Het is me duidelijk dat een ‘training’ voor jou niet werkt. Jij doet het wel wanneer jij het wil en wanneer je er klaar voor bent. Daarop vertrouw ik. Intussen ben je zelfs volledig droog, zonder dat we er echt op geoefend hebben. Dag én nacht. Ja min, je bent echt een grote meid.

Middagslaapje

Vermoeiende dagen, want je zit in de overgang van wél naar geen middagdutje. De ene dag heb je er zo’n nood aan, de andere dag sla je het over en is het een strijd om je ’s middags in bed te krijgen. Het is even zoeken wat het beste is voor jou. De dagen dat je het overslaat ben je ’s avonds oververmoeid en huilerig. De dagen dat je wel een middagdutje doet, ben je ’s avonds met geen stokken in bed te krijgen voor 21u :-). Tja. Het is even een middenweg zoeken. We proberen je nu ’s middags wel nog een uurtje te laten slapen, maar maken je wakker na 1 uur, zodat je ’s avonds toch nog moe genoeg bent om te gaan slapen. Dat lijkt te werken!

Magie en fantasie

Je hebt zo’n levendige verbeelding. Alles komt tot leven in jouw wereld. Onlangs was zelfs een lege fles shampoo jouw baby. Je wikkelde het voorzichtig in een handdoek en begon ermee te wiegen en een liedje te zingen. Jongens, veeg mij op zo’n moment maar bijeen 😀 . Je bent een echt moedertje die zorgt voor haar baby’s. Je spreekt met je knuffels alsof ze echt zijn en je kan stemmetjes en personages bedenken alsof het niets is. Heerlijk om je te zien opgaan in een spel. Als we in de bos gaan wandelen, speel je dat er wolven of beren ons komen opeten. Thuis zitten er monsters in de tuin en leeuwen achter de zetel. En soms, speel je zelf het monster dat ons komt opeten. Dan wel een héél schattig monster ;-).

Eigenwijs en clever

‘Nee min doen!’ is een zin die we hier meerdere keren per dag horen. Je wilt alles zelf doen. Je hebt gelijk schat, wat je zelf doe doe je beter, toch? 😉 Doe maar, ontdek maar, probeer maar. Je wilt het allemaal zelf doen, MAAR! Als het dan niet lukt, word je meteen boos.

Het is niet erg, je hoeft niet alles meteen te kunnen. Het is duidelijk dat je dat wel wilt, alles meteen kunnen. Ik probeer je hiervoor te beschermen. Het is niet erg als iets niet meteen loopt zoals je wil. Het is niet erg als iets niet lukt. Je kan niet overal goed in zijn en dat hoeft niet. Ik hoop dat je daar kan uitgroeien. Dat je niet bang gaat zijn om fouten te maken. Dat je niet alles perfect moet doen. Je bent zo’n slimme meid. Etem en ik staan er telkens van te kijken wat je allemaal al weet en kent. Alles vang je op. Is er bij de onthaalmoeder iets gebeurd of gezegd geweest, dan kom je het ’s avonds tegen ons vertellen. Je vertelt dingen waarvan ik niet begrijp hoe je ze weet of waar je ze opvangt. In het Nederlands, Turks en zelfs Engels.

Monki Monki Monki, riep Seline door het huis. Ik vraag doodserieus: monki monki? Wat is dat nu weer? ‘Aap hé mama, antwoordt ze gevat. Ja, juist ja.

Da’s links, zei ze wijzend naar links, en da’s rechts, zei ze plots in de auto. Zonder dat we ooit hebben uitgelegd wat links en rechts is.

Slapen

De laatste tijd is het gaan slapen wel een dingetje. Iets wat je zo lang mogelijk probeert uit te stellen. Min dorst, min pipi doen, min wil nie slapen. Mamaaaa… mamaaaa!! Aai aai komen doen. Deur open laten hé, lichtje aan laten hé, mama jouw bed slapen.

Als ik dan voorzichtig de trap afsluip heb je het meteen gehoord. Mamaaa! Jouw bed slapen! Nog maar eens aai aai doen. Ssssht schatje, ga maar slapen. Nee min wil nie. Vermoeiend. Gelukkig is het slapen zelf verder geen probleem. Eens je slaapt, slaap je 🙂 de laatste tijd zelfs tot 8 uur, als we geluk hebben af en toe tot 8.30u, een enkele keer tot 9 uur! Altijd een vroege vogel geweest, maar nu we af en toe je middagdutje laten vallen heb je wel nood aan meer slaap ’s nachts. Daarentegen slaap je ’s avonds vaak pas tegen 21 uur of later. Een enkele keer roep je ons ’s nachts wakker, omdat je pipi moet doen en dit niet meer in je luier wilt doen. Flink, helemaal droog ’s nachts. Dat we daarvoor 1 keer per nacht moeten opstaan, nemen we er graag bij!

Tutje en dekentje

Overdag heb je het niet meer nodig, je tutje. Dat blijft in je bedje liggen. Tot straks tutje, zeggen we ’s morgens terwijl jij je tutje flink op je kussen legt. Daag! Dat gaat vlot. Van de ene dag op de andere, toen Sinterklaas kwam, hebben we alle tutjes meegegeven met de Sint, behalve één slaaptutje. En wanneer we ’s avonds naar boven gaan begin je al hard te lachen als je denkt aan je tutje dat daar ligt te wachten op jou. Want dat heb je toch nog zo graag, dat tutje dat je in slaap sust ’s avonds. Als ik je dan zie liggen met dat tutje in je mond, dan ben je toch weer even mijn kleine baby. Min grote meid hé. Ja, grote meid, maar met dat tutje en je dekentje, ben en blijf je toch ook nog mijn kleine meid.

Ons kleine minnetje.